| Woorden uit de Waalstraat
Het is over met: Woorden uit de Waalstraat
Het is een kwart eeuw geleden. Mn vader, ver in de tachtig, kon een woning krijgen
die zon honderd meter lag van de plaats waar hij met vrouw en kind bijna
vijfentwintig jaar had gewoond. Maar hij weigerde,want aan die plek waren voor hem teveel
herinneringen verbonden..
Dat kind was ik dus.
Nu is het zover dat ik min of meer in de buurt van zijn leeftijd ben geraakt. En door
toeval maar bestaat toeval wel? ben ik in soortgelijke omstandigheden
terecht gekomen.
Ik had hard een nieuwe woning nodig. De trappen werden voor mn knieën die mijn
leeftijd moeten dragen, te steil. Door de ganse vloer kwam bovendien de rook van
benedenbuurs opgestoken Barclays mn hele huis en mn toch al wat gevoelige keel
bewonen: en huur betalen om mn laatste gezondheid nogal heftig mee te laten roken,
nee.
Die nieuwe woning kwam. Praktisch op dezelfde plek als waar mn vader een kwart eeuw
eerder kon gaan wonen
dus vlak bij mn intussen allang gesloopte ouderlijke
huis.
Heb ik dan geen problemen met die herinneringen?
Het verschil is, denk ik: mijn vader was geen schrijver (hij was volop bèta), ik ben het
wèl.
Toen ik een hele tijd geleden stopte met mn carrière, zeiden collegas als
Hans van Straten, Jan Praas, Simon Vinkenoog tegen me: jij hebt zon goed geheugen,
ga je herinneringen opschrijven aan de literaire wereld van de laatste halve eeuw.
Nu staan Lucebert, Remco Campert, Gerrit Achterberg, Sartre, Jan Arends, en vele, vele
anderen in een lange rij ordners vastgelegd. En ik bleek zoveel plezier te hebben in dat
noteren van wat ik allemaal had meegemaakt, dat ik nog veel meer schreef. Karel Appel,
Constant, Baschwitz, Van het Reve senior, (naast junior), Albert van Dalsum, Mary
Dresselhuis, Viruly, Hein Donner, Ramses Shaffy, de mensen in mn jeugd, later in de
journalistiek, in de reclame, en al die vele anoniemen
Ueberhaupt (eh, overhoofd):
mensen, bekend of on, zijn er om je over te verwonderen, er wordt veel meer geleefd,
beleefd, dan de mensen vaak zelf weten of denken.
Die lange file van ordners leidde weer tot vele boekjes klein en groot, tot meewerken aan
biografieën, en ook tot verhalenverhalenverhalen op bijvoorbeeld deze website, op de site
geheugenvanoost, enzovoorts.
En nu is mn leven eigenlijk van woord geworden, Ik ben van taal (ik praat zelfs wel
over het hiernutaals en het hiernataals). Vroeger was er het beeld van het gebeuren, van
de herinnering, dat woord moest worden. Nu is het andersom. Mn verleden is alles wat
ik heb opgeschreven, met de daaruit voortspruitende beelden van wat gebeurde het is
zo historisch mogelijk gedaan, maar t is woord, en wat ik aan gevoelens als
schrijver op papier (en scherm) zet, is een beetje verder weg gekomen: ik heb overzicht,
het is hanteerbaar, ik heb het deels van me af, AFgeschreven: letterlijk.
Eigenlijk is dat een heel merkwaardige ervaring voor me geworden. Ik sta op schrift. Ik
heb een geschiedenis, Ik ben letters en anekdote. Ik ben als het ware geobjectiveerd.
Karel N.L. Grazell
eerste stadsdeeldichter van ZuiderAmstel
en de 3e van Amsterdam
Reageren?:
Gastenboek |