
De Amateur van Amsterdam
Weliswaar ben ik een van de oprichters van het bekende Mee in
Mokum en heb ik wel eens een paar rondleidingen gegeven, maar ik weet behoorlijk weinig
van de geschiedenis van Amsterdam. n Zekere specialisatie zit er niet in, ik heb
teveel interesses.
Ik heb belangstelling voor de Gouden Eeuw te hierent. Dat zal komen omdat mijn ouders wat
werk van Marie C. van Zeggelen hadden, dat daarover ging en dat ik al heel jong las. De
Verzamelde Werken van Van den Vondel en Hooft staan nu een planklang in mn
boekenkast. Niet dat ik ze door en door heb gelezen: zukke boeken zijn om te hebben en in
te kijken.
Overigens heb ik ook o. a. in de Gijsbrecht ooit meegedaan (een veertig, vijftig
voorstellingen: ppfff!), met de reuzen Johan Schmitz, Paul Huf Sr., Albert van
Dalsum en de prille Ramses Shaffy (ATG, 1953: Stadsschouwburg).
Daarnaast beweegt mn interesse zich naar de diepste geschiedenis van de
stad, hoewel daar niet zoveel is te vinden. Wat gegevens over Romeinen hier, zoals iets
van wellicht Drusus en een villa aan de Amstel (waar?) wat dan erop zou kunnen
duiden dat er al een klein nederzettinkje was, in de tijd dat mogelijke Amsterdammers een
mondje neringdoend Latijn spraken.
Je zou kunnen zeggen dat het bij beide interesses gaat om zaken, die als het ware een
verderop zijn van de Amstelveenseweg waar ik mn jeugd doorbracht, en de
Amstel die ik dagelijks vanuit mn werkkamer heel in de verte kon zien.
Waarom een deel van mn belangstelling naar dat diepste gaat? Misschien
wel vanwege die onbekende fundering: een mysterie, klimmend uit het geheim van de tijd.
Zon beetje wat oostwaarts achter het Bolesteinse gebouw De Beuk, waar ik nu woon (en
dat is tikkeltje schuin achter mn ooite ouderlijk huis, dat hier vlakbij stond: waar
nu die groene telefooncel is aan de Amstelveenseweg) lagen vroeger in het weiland de
funderingen van een groot huis bloot. Ik ben er maar één keertje bij geweest, voor de
rest zag ik ze vanuit mn werkkamer. Ze intrigeerden me: ze lagen daar zomaar in het
veld, weg van alles, zonder straat, zonder pad, zelfs een eind van de Amstelveenseweg af.
Geen kaart in mn buurt noemde iets. Wie had ooit die lokatie bedacht? Hoe had het er
ooit uitgezien? Wie had erin gewoond/gewerkt? Waarom bleven die funderingen liggen:
slordig, door de tijd losgelaten?
Wat me ook intrigeerde: de boerderij De Klap naast ons. Een verzamelingetje van versleten
gebouwen uit eeuwen her, op zich vast wel opvolgers van primitiever bouwsel: behuizing en
stal stonden op een terp.
En dan: ons eigen huis. Het was in de dijk gebouwd (was de Amstelveenseweg dus een dijk?
ja) toen we in ons huis kwamen wonen, ik denk januari 1930, waren die huizen nog
aardig nieuw: wanneer zouden ze precies zijn gebouwd? En wanneer was de weg, die vroeger
geheten Veendijk, aangelegd? Dat moet dan te maken hebben gehad met het veen van de
Binnendijkse Buitenvelderse polder achter ons (net als die terp) en met het wellicht
eerder graven van de Boerenwetering (wanneer?), waar ik eveneens op uitkeek.
Toen ik over mn eerste leeftijd heen was, leerde ik de Amstel beter kennen en
daarmee ook bijvoorbeeld Ouderkerk (begin jaren negentig verscheen o.a. een bibliofiel
uitgaafje onder mn pseudoniem Leins Janema over dit dorp zie ook het
prachtige boek De Amstel).
En zo kwamen mn twee interesses inzake Amsterdam bij elkaar: die voor de
diepste geschiedenis en die voor de Gouden Eeuw (Vondel, Gijsbrecht van
Amstel).
Vragen genoeg dus over de geschiedenis van het stadsdeel, en tot ver voorbij zn
grenzen.
Nu het stadsdeel binnen afzienbare tijd gaat jubileren, zou het leuk zijn als iemand,
gesteund door het stadsdeel (en indien nodig, wil ik als stadsdeeldichter ook helpen bij
het schrijven ervan), een klein boekje erover zou opzetten en uitgeven. Ik heb al een
titel, als ik mag:
Stroomde de Amstel ooit de andere kant op?
Karel N.L. Grazell
eerste stadsdeeldichter van ZuiderAmstel
en de 3e van Amsterdam
Reageren?:
Gastenboek |